Castratie en sterilisatie van katten

Wulpse kattin zit voor het venster. Van buiten kijken katers bewonderd naar haar.
Beluister de radiospot over sterilisatie bij katten

Axel Daeseleire & Ben Segers als twee krolse katers... in onze radiospot voor sterilisatie bij katten

Wettelijke verplichtingen

Alle katten en kittens moeten gecastreerd/gesteriliseerd worden voor ze 5 maanden oud zijn en/of voor verkoop of adoptie. Dit geldt ook voor katten en kittens die gratis weggegeven worden. Uitzonderingen hierop zijn katten die naar een erkende fokker (met HK-nummer) gaan of die voor het buitenland bestemd zijn. Katten die geboren zijn tussen 31 augustus 2014 en 31 maart 2018 moeten steriel gemaakt zijn tegen 1 januari 2020.

Meer info over de sterilisatieplicht

Meer info over de registratieplicht

Wat houden castratie, sterilisatie en vroegcastratie juist in?

Bij een castratie of sterilisatie wordt de kat onvruchtbaar gemaakt.

Castratie is het weghalen van de geslachtsorganen, zowel bij mannelijke als bij vrouwelijke dieren. Bij katers worden de testikels verwijderd, bij kattinnen de eierstokken en soms ook de baarmoeder.

Bij een sterilisatie worden de geslachtsorganen niet weggehaald, maar enkel de eileiders of zaadleiders onderbroken. De dieren zijn dan onvruchtbaar, maar hormonaal nog intact. Het gedrag blijft dus hetzelfde, inclusief krols worden en sproeien. Dit wordt daarom bijna nooit gedaan.

Gangbaar spreekt men echter van castratie als het om katers gaat en van sterilisatie als het kattinnen betreft, ook al worden bij de kattin de eierstokken verwijderd. Deze betekenis wordt ook hier gebruikt.

Vroegcastratie of vroegsterilisatie is het castreren of steriliseren van kittens –zowel katers als kattinnen- vóór de leeftijd van 16 weken (4 maanden).

Naar boven

Waarom je kat castreren/steriliseren?

De castratie/sterilisatie van je kat heeft veel voordelen voor jou als eigenaar, voor de kat zelf en voor de maatschappij. Bovendien is het in de meeste gevallen wettelijk verplicht.

Voordelen voor de eigenaar

Vanaf ze ongeveer 5 à 6 maanden oud zijn, worden katten vruchtbaar en beginnen ze onder invloed van hormonen vervelend gedrag te vertonen. Katers gaan dan sterk ruikende urine sproeien, rondzwerven en vechten met andere katers. Ze worden roekeloos en hebben daardoor meer kans om aangereden te worden. Ook kattinnen kunnen urine gaan sproeien, vooral als ze krols zijn. Tijdens de krolsheid –om de 2 à 3 weken ongeveer een week- zijn ze erg rusteloos en janken ze dag en nacht de buurt bij elkaar.

Castratie/sterilisatie voorkomt deze problemen of lost ze op. Het geeft katten rust en maakt hen aangenamere huisdieren. Je kat wordt er huiselijker van en je hoeft niet meer ongerust te zijn omdat hij of zij dagenlang wegblijft. De kans op wonden van het vechten, abcessen en seksueel overdraagbare ziektes wordt veel kleiner.

Een groot voordeel is dat je niet onverwacht opgezadeld kan zitten met een ongewenst nestje. De poezenpil is immers niet 100% betrouwbaar en heeft bovendien veel (potentieel dodelijke!) bijwerkingen.

Voordelen voor de kat

Katten kunnen erg veel last hebben van hun hormonen en met zichzelf geen blijf weten. Het is diervriendelijker om je kat van de hormonen af te helpen door hem of haar te castreren.

Ook op het vlak van gezondheid heeft castratie/sterilisatie veel voordelen. Hoe vaker een kattin krols wordt, hoe groter immers de kans op baarmoederontstekingen en melkklierkanker. Laat je een kattin voor de eerste krolsheid castreren, dan daalt die kans tot bijna 0. Gecastreerde katers zullen minder rondzwerven en vechten, zodat ze minder kans lopen op ongelukken, wonden en abcessen.

Castratie/sterilisatie voorkomt ook dat je kat een seksueel overdraagbare ziekte oploopt door te paren. Katten hebben bijvoorbeeld hun eigen vorm van aids (kattenaids of FIV). Dit is niet besmettelijk voor mensen, maar door seksueel contact en gevechten kunnen katten elkaar besmetten. Ook leukose (FELV) is zo’n ziekte met een dodelijke afloop.

Gecastreerde/sterilisatie katten leven gemiddeld langer dan niet-gecastreerde/gesteriliseerde katten. Geef je kat dus de kans op een lang en gezond leven, en laat hem of haar tijdig onvruchtbaar maken.

Voordelen voor de maatschappijoverbevolking asielen

Katten zijn heel vruchtbare dieren en planten zich snel voort. In combinatie met onverantwoord eigenaarschap is er zo een kattenoverschot ontstaan: er zijn meer katten dan mensen die een kat willen. Daardoor zitten de asielen overvol en moet men jaarlijks meer dan tienduizend katten laten inslapen.

Daarnaast belanden ook veel katten op straat, zodat er zwerfkattenkolonies ontstaan. Deze kunnen veel overlast veroorzaken, bijvoorbeeld door vuilniszakken open te scheuren en uitwerpselen achter te laten. 

Gelukkig zijn er veel mensen die zich het lot van de asiel- en zwerfkatten aantrekken en zich vrijwillig inzetten om deze dieren te helpen. Dit kost echter handenvol geld en heel veel tijd.

Door je eigen kat te laten castreren/steriliseren, voorkom je dat je bijdraagt aan het zwerfkattenleed en geef je asielkatten meer kans op een nieuwe thuis.

Naar boven

Wanneer castreren/steriliseren?

Het is niet nodig om een poes eerst een nestje te laten krijgen of eerst krols te laten worden. Integendeel, het risico op gezondheidsproblemen neemt daardoor toe.

Laat de operatie uitvoeren voor de kat 5 maanden oud is. Vanaf dan worden de meeste kattinnen vruchtbaar en kan de kater beginnen sproeien. Vroegcastratie heeft de voorkeur: kittens ondervinden minder last van de operatie en het herstel gaat ook sneller op jongere leeftijd.

Naar boven

Vroegcastratie/vroegsterilisatie

Vroegcastratie of vroegsterilisatie gebeurt voor de leeftijd van 4 maanden. De operatie kan zowel bij katertjes als bij kattinnetjes al gebeuren vanaf ze 8 weken oud zijn. Bij katertjes moeten de testikels voelbaar zijn. Indien mogelijk wacht men tot de kittens meer dan 1 kg wegen en al gevaccineerd zijn. De ingreep is dan even veilig als op latere leeftijd. Kittens herstellen enorm snel van de operatie, al na enkele uren huppelen ze weer vrolijk rond.

De operatie

De operatie zelf duurt gewoonlijk minder lang dan bij castratie/steerilisatie op latere leeftijd. Doordat er bij jonge dieren minder buikvet aanwezig is, zijn de organen beter zichtbaar voor de dierenarts. Bij jonge kittens wordt een aangepaste narcose gebruikt. Een warmtemat houdt de kitten warm tijdens de operatie.

Normaal gesproken moeten katten vanaf de avond voor de operatie nuchter worden gehouden en krijgen ze pas de ochtend na de operatie weer te eten. Kittens kunnen hun suikerspiegel nog niet zo goed controleren en hebben minder reserves. Daarom mogen ze tot een paar uur voor de operatie eten en krijgen ze al een lichte maaltijd wanneer ze goed en wel wakker zijn.

Geen nadelige gevolgen

Vroegcastratie/vroegsterilisatie wordt al toegepast sinds de jaren ’70. Wetenschappelijke studies wereldwijd –zelfs in Vlaanderen aan de UGent- hebben aangetoond dat er geen nadelige gevolgen zijn voor de ontwikkeling, de gezondheid en het gedrag ten opzichte van castratie /sterilisatie op traditionele leeftijd.

In de meeste studies worden geen verschillen gevonden tussen vroeggecastreerde/vroeggesteriliseerde katten en katten die op latere leeftijd werden gecastreerd/gesteriliseerd. In sommige studies worden zelfs positieve effecten gezien. Zo zouden ze minder kans hebben op astma, tandvleesontstekingen, abcessen en blaasproblemen. Ze zouden ook minder agressief zijn ten opzichte van dierenartsen, minder ongewenst seksueel gedrag vertonen, minder vaak sproeien en minder hyperactief gedrag vertonen.

De katten worden even groot dan soortgenoten die rond de leeftijd van 6 maanden zijn gecastreerd/gesteriliseerd en zelfs iets groter dan niet-gecastreerde/niet-gesteriliseerde dieren.

Naar boven