Dieren op de weide

Vereisten

Een dier op de weide krijgt meer beweging, wat uiteraard goed is voor de gezondheid en kan meer natuurlijk gedrag vertonen. Voldoende ruimte, een geschikte weide, voeding en water en beschutting zijn essentieel. De Raad voor Dierenwelzijn heeft volgende adviezen opgesteld:

Gezonde en droge weide

Een gezonde weide is een weide zonder te veel kale plekken, voldoende gras en vrij van toxische planten. Veel dieren gaan van nature giftige planten mijden maar soms gaat het toch wel eens mis bijv. wanneer er te weinig gras aanwezig is of wanneer de giftige plant onder een andere vorm zoals bij het stro of hooi wordt gegeven.

Toxische planten voor paarden zijn o.a. Jacobskruiskruid, Sint-Janskruid, Bastaardklaver, taxus, ...

Zorg dat de weide droog is of dat de dieren altijd een droge plek hebben ook bij erge regen.

Beschutting en omheining

Dieren die op een weide staan hebben beschutting nodig om zich te beschermen tegen extreme weersomstandigheden zowel regen en wind als zon. Bomen en hoge hagen kunnen schaduw bieden.
De aanwezige beschuttingen moeten geschikt zijn voor de aanwezige dieren (voor de soorten, het aantal, de specifieke behoeften enz.).

De omheining moet stevig en veilig zijn. Een overzicht van omheiningen voor paarden vind je op de website van Paardenpunt Vlaanderen.

Voor het plaatsen van een afsluiting of hekwerk heb je in principe een stedenbouwkundige vergunning nodig. Er gelden een aantal vrijstellingen.
Voor het plaatsen van een schuilhok neem je best contact op met je gemeente.

Voedsel en water

De dieren moeten altijd voldoende vers en drinkbaar water hebben. Een paard of een rund kan tot wel 60 liter water per dag drinken!

Als je waterbakken gebruikt, hou er dan rekening mee dat de dieren ze niet kunnen omstoten. Maak je gebruik van een automatisch drinksysteem, controleer dan geregeld de werking ervan.

Als er onvoldoende gras op de weide staat, moet je bijvoederen.

Extreme weersomstandigheden

Te warm

De dieren moeten zich kunnen beschermen tegen de felle zon.

Ze moeten permanent toegang hebben tot drinkbaar water. Bij warm weer verdampt het water in open waterbak snel. Voorzie daarom extra waterbakken of controleer meermaals per dag.

Slecht weer

Niet alle dieren zijn even geschikt om op de weide te staan tijdens slecht weer. Zo zijn schapen, geiten en ezels minder bestand tegen regen dan runderen en paarden.  Volwassen runderen, paarden en schapen  die gezond zijn, goed gevoed zijn, en een goede wintervacht hebben, kunnen tegen de vrieskou. Jonge en oudere dieren horen niet thuis op een weide als het vriest.

  • Zorg voor een voldoende stevig en droog schuilhok dat groot genoeg is voor de aanwezige dieren.
  • Vers drinkwater is onontbeerlijk. Het water moet je regelmatig vervangen, zodat het niet kan bevriezen. Voldoende voeding is heel erg belangrijk. Hoe kouder het wordt, hoe groter de energiebehoefte is. Bij -10 °C verbruikt een dier al snel 35% meer energie.
  • Dierenverwaarlozing is soms niet gemakkelijk te beoordelen. Een laagje ijs op de vacht van een paard wijst erop dat het dier goed geïsoleerd is, en niet noodzakelijk dat het kou lijdt.